Raymond Strymes vertelt

Een Noormannenpoortje in de kerk van Sint-Laureins

Van de gebouwen in Sint-Laureins is de kerk ongetwijfeld de oudste getuige uit het verleden. Ooit had ze een hoge spitse toren, maar daar ze verschillende keren getroffen werd door blikseminslagen, de ene al erger dan de andere zoals blijkt uit diverse aantekeningen, is de spits na de laatste grondige vernieling uiteindelijk nooit meer in zijn oorspronkelijke staat hersteld!

 

Er werd in opdracht van de verschillende opeenvolgende pastoors heel vaak aan het gebouw, naast de gewone onderhoudswerkzaamheden, gewerkt en verbouwd. Een zeer ingrijpende verbouwing, het vermelden waard, is de uitbreiding van het oorspronkelijk schip der oude kerk aan de oostzijde met een nieuw koor met kooromgang en drie straalkapellen, onder pastoor Van Zuydt, omstreeks 1555 wat we kunnen lezen op de noordelijke buitenmuur, op een bouwsteen in de kooromgang binnen de kerk en tenslotte op een eiken balk van het gebinte boven het hoogaltaar.

Maar zoals bij vele oude gebouwen vaak het geval is, weten we niet en zullen we wellicht ook nooit te weten komen, wanneer de kerk juist gebouwd werd!

We kunnen enkel zeggen dat de streek van Sint-Laureins in de Middeleeuwen rijke turflagen bevatte en het steken of het uitdelven van die turf pas in de tweede helft van de XIIIe eeuw, dus eind 1200 pas goed op gang is gekomen. Door het uitturven van de grond en het droogleggen van de polders moet in die tijd de bevolking sterk zijn uitgebreid, wat met zich meebracht dat de behoefte ontstond aan een bidplaats, zo dat alles er op wijst dat rond het jaar 1300 Sint-Laureins al over een primitieve kerk beschikte. Deze veronderstelling wordt nog versterkt door het feit dat de meeste kerkjes in de kuststreek van Zeeland tot hoog in het Noorden uit die periode dateren en dat naar de gebruikte bouwmaterialen bij de oudste gedeelten van onze kerk te oordelen ze wellicht uit die tijd stamt.

 

De huidige verfraaiingswerken in 2020 van de kerkomgeving in het kader van de dorpskern-vernieuwing geven een aanzet tot het beeld hoe het er oorspronkelijk moet uitgezien hebben. Denk links van de kerk een paar huizen weg en rechts alle huizen tot aan de Leemweg en zo heb je een idee hoe het eeuwenlang zal geweest zijn! Door de ruimingswerken van alles wat zich voor de kerk bevond is het dichtgemetselde poortje, achteraan in de noordzijde van het gebouw, dus rechts van uit de dorpsstraat bekeken, goed zichtbaar geworden. Welnu, zulke poortjes, die men in vele kerken van het Noorden tegenkomt, noemt men in de volksmond Noormannenpoortjes!

Waartoe werd dit gebruikt en vanwaar die naam? Bij nader toezien is een kerk een vat vol symboliek!

 

De nu dichtgemetselde poortjes waren niets anders dan de oorspronkelijke ingang- en uitgangsdeuren, ook aan de zuidkant zitten dichtgemetselde poortjes!

 

Zoals je kunt vaststellen zijn onze kerken meestal volgens een Oost-West as gebouwd. Ook bij ons moeten de gelovigen zich bij het bidden naar het Oosten wenden! Maar in het kerkelijk leven spelen noord- en zuidkant ook een grote rol. De noordkant werd door de Kerk vereenzelvigd met de duisternis, de koude, waar de zon nooit komt, de plaats waar de duivel woont. De zuidkant met de zon, het licht, met Christus! En de Kerk heeft hierbij inspiratie opgedaan in de bijbel bij Mattheus 25 vers 32: "Men zal de bokken van de schapen scheiden". Het goede van het kwade scheiden hebben ze nogal letterlijk toegepast en dus moest er een gescheiden toegang komen voor mannen en vrouwen! Zo geschiede, de deur aan de noordzijde werd de "vrouwendeur" genoemd en was dan voor de vrouwen bedoeld, de deur in de zuidkant was voor de mannen. Dat de vrouwen langs de "duivelse kant" de kerk in moesten had te maken met de erfzonde waar Eva voor heeft gezorgd, we kennen de historie van de slang en de appel, dus simpele conclusie de zonde was door de vrouw de wereld ingekomen! Dit was ook de reden waardoor oorspronkelijk de mannen en vrouwen tijdens de dienst gescheiden zaten en de vrouwen uiteraard aan de noordkant, wat wij nog gekend hebben tot in de jaren zestig!

 

En het houdt niet op, daar de duivel aan de noordkant woont, staat de doopvont ook aan die kant, bij de doop wordt het kind aan de noordkant naar binnen gebracht om na de doop gezuiverd van zonde langs het zuiden weer naar buiten te worden gebracht. En nog zoiets, heel de hof rondom de kerk werd vroeger als kerkhof gebruikt, welnu aan de noordzijde werden oorspronkelijk ook altijd de slechteriken, ongelovigen, onbekende zwervers, zelfmoordenaars, drenkelingen en ongedoopte kinderen begraven, maar deze werkwijze werd later verlaten en zowel noord- als zuidkant werd geleidelijk voor iedereen gebruikt. Ooit werd ook in de kerk begraven, het koor was een gewilde plek voor de vooraanstaanden, kwestie van dicht bij de bron te blijven met het oog op het hiernamaals en ze hadden bovendien voldoende geld om de duurste plaatsen te claimen, het schip was voor de middenstand en buiten de kerk was bestemd voor de minder gegoeden, het werkvolk. Maar in 1784 werd het officieel verboden nog binnen de kerk te begraven op bevel van Keizer koster Jozef II.

 

Petrus De Keyzer, zoon van Jan Baptist en van Joanna Catharina Lambrecht 28 jaar was de laatste parochiaan overleden 18 juni 1784 die nog binnen het gebouw werd begraven. Maar buiten de kerk begroef men verder rondom.

 

Van het gescheiden zitten, vrouwen links en mannen rechts, is men wel absoluut afgestapt, maar toch geeft dit aan sommige ouderen nog altijd een onbehaaglijk gevoel bij het binnenkomen der kerk en de gescheiden ingang voor vrouwen aan de noordkant en voor de mannen aan de zuidkant is al lang naar het domein van de fabels verwezen maar toch is bij de nieuwe portalen achteraan aan de westkant naast de frontale poort meestal een ingangsdeur links en rechts voorzien!

Maar om terug te komen op de Noormannenpoortjes, waarom zijn die zo abnormaal laag en waarom dichtgemetseld? We weten wel allen dat de mensen vroeger kleiner waren, denk maar aan de lengte der oude bedden. Doch dit is hiervoor geen verklaring, aannemelijker lijkt volgende redenering. Als gevolg van het verbod nog binnen de kerk te begraven werden alle graven in de kerk geruimd, bij ons in Sint-Laureins werden de meeste grafstenen verwerkt in de grondvesten van het Godshuis, werd de ruimte aangevuld en werd een nieuwe vloer geplaatst, zodat die wellicht hoger kwam te liggen! Aan de buitenkant was het grondniveau vanzelf verhoogd door het eeuwenlang begraven zowel aan de Noord- als aan de Zuidkant. Trouwens bij het delven langsheen de kerkmuur kan men vaststellen dat de basis der oude toegangsdeuren lager liggen. Waarom men ze dichtgemetseld heeft, daarnaar kunnen we slechts gissen. Er was vroeger geen verwarming in de kerk, hebben de deuren in de tegenover elkaar liggende muren gezorgd voor een te felle luchtstroom waardoor men ze dan maar toegemetst heeft als men het gescheiden binnenkomen van vrouwen en mannen verlaten heeft? Of werden bij verhoging van het grondniveau de poortjes vanzelf te laag? Of was er nog een andere reden, wie zal het zeggen zolang we geen geschreven bewijzen terugvinden?

 

Wat nu de naam betreft, berust alles op een legende. De Noormannen of Vikings voeren langsheen onze kusten om te branden, plunderen en moorden lang vóór onze stenen kerken gebouwd werden. Maar hier weer heeft de volkse fantasie voor vertellingen aan het haardvuur zijn werk gedaan.

Men vertelt dat op bevel der Noormannen die poortjes zo laag werden gemaakt om de gelovigen bij het buitengaan verplicht te doen buigen voor het Heidense Noorden. Bij sommigen sloeg de fantasie werkelijk op hol en ze wisten te vertellen van kerkgangers die als protest achterwaarts de kerk uitgingen om zo de heidense Noormannen te vernederen!

Een andere versie luidt dat de katholieken die poortjes in de Noordelijke muur opzettelijk zo laag hadden gemaakt om die heidense Noormannen bij het betreden der kerk te doen buigen voor het Allerheiligste!

Dit alles is je reinste fantasie maar mede daardoor noemen we die dichtgemetselde poortjes nog algemeen Noormannenpoortjes!