De Toneelbond Lust naar Kunst

De toneelbond werd gesticht op Kerstmis 1905. In het begin werd er gespeeld in een zaal van de meisjesschool in de Kloosterstraat.

meisjesschool.jpg

De belle époque jaren worden doorgaans gesitueerd vanaf zowat eind 19de eeuw tot aan de eerste wereldoorlog. Watervliet zou Watervliet niet zijn als ze er daar niet anders over dachten. Hun belle époque begint maar na die eerste oorlog. Het uitgangsleven scheert tussen de beide oorlogen hoge toppen. Enerzijds is er meer welstand en omdat de auto nog een beetje te duur was moest de lol ter plaatse gemaakt worden.

 

De stuwende kracht achter het verenigingsleven is onder andere de rijke edelman met het gouden hart, Paul de Scheppere, die ere-voorzitter was van zowat alle Watervlietse verenigingen.

Watervliet - Kasteel De Scheppere (3).ti

Het is een bloeiperiode voor de diverse verenigingen. De fanfare en de toneelbond boeken het ene succes na het andere en als in 1928 het gildenhuis werd opgericht verhuizen de toneelopvoeringen naar daar.

Gildenhuis.jpg

Laten we hierbij meester René Van Daele niet vergeten. Die man was op praktisch alle repetities aanwezig en omdat hij als secretaris van de bond de sleutel had van alle gemeenschapslokalen “moest” hij dus telkens als laatste man blijven. Meester Van Daele overlijdt in 1955, 65 jaar oud.

René Van Daele.jpg

Tussen de twee wereldoorlogen gaat de reputatie van de bond crescendo en komt in de jaren vijftig tot een toppunt als ze bevorderd wordt tot Koninklijke Maatschappij. Onderstaande foto werd in 1956 bij die gelegenheid gemaakt.

1956.jpg
Toneelbond 4.jpg

Bovenstaande foto is van 1957 en werd genomen in de Gildenzaal. De toneelbond speelde toen hun waarschijnlijk grootste succes, “Het Heilig Experiment”, onder leiding van Albert De Mulder, die met recht en reden dé toneelman van Watervliet genoemd werd. De vereniging won er een Provinciale prijs mee in Lokeren en mocht als beloning een opvoering verzorgen in de toenmalige KNS van Gent, de voorloper van het huidige NTG.

Albert De Mulder.jpg

Van de acteurs is bekend dat ze na de repetities, die ze heel ernstig namen, de avonden heel gezellig en vooral heel langdurig maakten. Albert De Mulder, altijd paraat om plezier te maken en een pint te drinken, ontbrak naar horen zeggen praktisch nooit!

Daar vinden we de vierde en laatste kapel. Dat was nogal een speciale. Gebouwd door pastoor De Swaef aan de westkant van de Leemweg moest ze in 1902 wijken voor het Gemeentehuis. Ze werd aan de overkant terug opgebouwd door de gebroeders Gernaey naar een plan van architect Van Wassenhove voor de som van 25.433 frank.